Nieuwe EU-richtlijn inzake lasrook

Automatisierter Metall-auf-Metall-Schweißprozess in einer industriellen Fertigungsumgebung. Ein §-Symbol weist auf Vorschriften und Richtlinien zum Umgang mit Schweißrauch hin.

Wat houdt de nieuwe EU-richtlijn inzake lasrook nu precies in?

Het korte antwoord: lasrook moet op EU-niveau nog duidelijker onder de bescherming vallen van de richtlijn betreffende kankerverwekkende, mutagene en voor de voortplanting giftige stoffen op de werkplek, de zogenaamde CMRD.

De Europese Commissie heeft hierover op 18 juli 2025 haar voorstel voor de 6e herziening van de CMRD ingediend. Daarin wordt lasrook uitdrukkelijk in het toepassingsgebied opgenomen. De Raad van de EU heeft zijn standpunt op 1 december 2025 vastgesteld. De bevoegde commissie van het Europees Parlement heeft haar standpunt op 15 april 2026 aangenomen. Op dit moment is de richtlijn dus nog niet definitief aangenomen, maar de politieke koers is wel heel duidelijk. Na de definitieve goedkeuring hebben de lidstaten volgens het voorstel van de Commissie twee jaar de tijd om de richtlijn in nationaal recht om te zetten.

Waarom is er eigenlijk deze wijziging?

Omdat de gezondheidsrisico’s al jaren bekend zijn en de EU daar nu strengere, duidelijkere consequenties aan wil verbinden.

Lasrook is geen homogene stof, maar een complex mengsel. Afhankelijk van het proces en het materiaal kan het onder andere chroom-, nikkel- of cadmiumverbindingen bevatten. Daarin schuilt precies het probleem: de samenstelling varieert, het gevaar is reëel en in de praktijk werd het onderwerp tot nu toe niet overal even consequent beoordeeld.

De Europese Commissie motiveert de opname van lasrook uitdrukkelijk met het feit dat er meer juridische duidelijkheid moet worden gecreëerd en de bescherming van werknemers moet worden verbeterd. Op de achtergrond speelt ook de wetenschappelijke beoordeling een rol: lasrook wordt beschouwd als kankerverwekkend voor de mens. De Britse arbeidsinspectie HSE (Health, Safety and Environment = Gezondheid, veiligheid en milieu) formuleert dit inmiddels heel duidelijk: Alle lasrook kan longkanker veroorzaken.

Hoeveel mensen worden hierdoor getroffen?

Meer dan velen vermoeden. Volgens het werkdocument van de Europese Commissie worden in de EU ongeveer 1,2 miljoen werknemers blootgesteld aan lasrook. Driekwart daarvan werkt in vier sectoren: gespecialiseerde bouwactiviteiten, hoogbouw, de vervaardiging van metaalproducten en de autohandel en -reparatie.

Dat is de directe impact van lasrook. In een bredere context wordt ook duidelijk waarom de EU hier maatregelen neemt: volgens het Europees Parlement krijgen in de EU jaarlijks ongeveer 120.000 werknemers de diagnose kanker na blootstelling aan kankerverwekkende stoffen op de werkplek. In het proceduredossier wordt er bovendien op gewezen dat kanker de meest voorkomende oorzaak is van werkgerelateerde sterfgevallen in de EU en dat jaarlijks ongeveer 80.000 mensen hieraan overlijden.

Wat verandert er hierdoor concreet voor werkgevers?

Vooral één ding: de eisen aan de risicobeoordeling en aan effectieve beschermingsmaatregelen zullen nog moeilijker te ontkrachten zijn.

Als lasrook expliciet in het toepassingsgebied van de CMRD wordt opgenomen, neemt de regelgevende duidelijkheid toe. Werkgevers moeten dan nog duidelijker aantonen dat zij blootstellingen herkennen, beoordelen en tot het technisch haalbare minimum beperken. Het gaat dus niet alleen om algemene ventilatie of om een goed gevoel in de hal. Het gaat om begrijpelijke, effectieve beschermingsmaatregelen.

Het voorstel van de Commissie en de standpunten van de Raad en het Parlement tot nu toe zijn precies daarop gericht: meer bescherming, duidelijkere richtlijnen en een betere uitvoering in de praktijk. Het Europees Parlement heeft in april 2026 bovendien benadrukt dat persoonlijke beschermingsmiddelen moeten worden verstrekt als een resterende blootstelling niet op een andere manier voldoende kan worden verminderd. Dat is belangrijk. Het verandert echter niets aan de basislogica van de arbeidsveiligheid: technische maatregelen blijven centraal staan.

En wat betekent dat voor werknemers?

Voor werknemers betekent de wijziging vooral: meer zichtbaarheid voor een risico dat in het dagelijkse werk vaak als normaal werd beschouwd.

Velen zien lasrook, accepteren het en werken door. Dat is precies het probleem. Want de gevolgen voor de gezondheid zijn vaak niet direct zichtbaar. De HSE noemt longkanker als een centraal chronisch risico. Bovendien wijst de HSE op astma, andere longaandoeningen en acute effecten. De organisatie schat dat in Groot-Brittannië elk jaar 40 tot 50 lassers in het ziekenhuis worden behandeld vanwege ingeademde metaaldampen. OSHA (Occupational Safety and Health Administration = een Amerikaanse federale instantie) noemt daarnaast ernstige gezondheidsrisico’s zoals metaaldampkoorts, neurologische effecten van bepaalde metaalbestanddelen en andere systemische belasting.

Meer regelgeving betekent daarom niet alleen meer verplichtingen voor bedrijven. Het betekent ook meer bescherming voor de mensen die dagelijks aan deze processen werken.

Hoeveel mensen moeten door de nieuwe regelgeving worden beschermd?

De EU noemt hier geen eenvoudig getal volgens het patroon “zoveel personen zijn vanaf dag X beschermd”. Zij noemt echter wel het verwachte gezondheidseffect van de maatregelen.

Volgens gegevens van de Europese Commissie en het Europees Parlement zouden de nieuwe regels over een periode van 40 jaar ongeveer 1.700 gevallen van longkanker en ongeveer 19.000 andere ziekten kunnen voorkomen. Daarbij komt een verwacht voordeel van maximaal 1,16 miljard euro aan gezondheidskosten.

Belangrijk daarbij is: dit effect heeft betrekking op het totale pakket van de 6e CMRD-herziening, niet alleen op lasrook. Wat lasrook betreft, is het echter duidelijk dat de opname in de richtlijn deel uitmaakt van precies dit beschermingspakket.

Wanneer treedt de nieuwe regeling naar verwachting in werking?

De volgende stap is de bevestiging van het onderhandelingsmandaat in de plenaire vergadering van het Europees Parlement, waarna de onderhandelingen met de Raad over de definitieve wettekst volgen. Pas na de definitieve goedkeuring begint de implementatietermijn.

Eén ding is nu al zeker: volgens het voorstel van de Commissie hebben de lidstaten twee jaar de tijd om de wijzigingen in nationaal recht om te zetten. Een concrete datum van inwerkingtreding kan daarom op dit moment nog niet serieus worden genoemd. Realistisch gezien geldt echter: zelfs als de procedure vlot verloopt, zullen de praktische nationale gevolgen pas na de definitieve goedkeuring plus de implementatietermijn volledig van kracht worden.

Waarom zouden werkgevers en werknemers juist nu actie moeten ondernemen en niet pas later?

Omdat de inhoudelijke richting al lang duidelijk is. En omdat het onderwerp niet pas met de definitieve datum relevant wordt.

Wie pas reageert als nationale voorschriften zwart op wit zijn vastgelegd, verliest tijd. Risicobeoordelingen, technische aanpassingen, de keuze van geschikte afzuigtechniek en aanpassingen in het proces gebeuren niet van de ene op de andere dag. Juist in bestaande omgevingen is planning, ontwerp en vaak ook interne afstemming nodig.

Daarnaast: de gezondheidsrisico’s bestaan vandaag de dag al. De nieuwe richtlijn creëert dus geen nieuw probleem. Ze maakt een bestaand probleem zichtbaarder en bindender. Bedrijven die zich nu voorbereiden, handelen daarom niet alleen regelgevend verstandig, maar ook vaktechnisch consequent.

Wat gebeurt er als bedrijven niet investeren in effectieve afzuiging?

Dan blijven ze zitten met een risico dat medisch, organisatorisch en regelgevend steeds moeilijker te rechtvaardigen is.

Op gezondheidsgebied kan onvoldoende gecontroleerde lasrook leiden tot acute irritaties, astma, metaalrookkoorts, chronische longziekten en een verhoogd risico op kanker. HSE en OSHA beschrijven deze gevolgen heel duidelijk. Juridisch neemt tegelijkertijd het risico toe dat beschermingsverplichtingen onvoldoende worden nagekomen. En in de praktijk betekent dit vaak: aanhoudende blootstelling, onzekerheid in het bedrijf en een hogere druk om later onder tijdsdruk verbeteringen door te voeren.

Kortom: niet investeren lost het probleem niet op. Het verschuift het alleen maar.

Waar ligt het verband met onze afzuiginstallaties?

Precies op het punt waar regelgeving, arbeidsveiligheid en reële procesvereisten samenkomen.

Als lasrook vanuit regelgevend oogpunt meer in de schijnwerpers komt te staan, volstaat een alibi-oplossing niet. Het is van cruciaal belang om emissies zo dicht mogelijk bij de bron op te vangen, effectief te filteren en de installatie af te stemmen op het proces. Dat is precies waar het bij professionele afzuig- en filtertechniek om draait.

Lasrook geeft zeer fijne deeltjes vrij, deels kleiner dan 1 µm. Daarnaast verwijst TBH bij geschikte installaties naar W3-geschiktheid en tests volgens DIN EN ISO 21904-1 / -2 (tot 2020 DIN EN ISO 15012-1 / -2).

Conclusie

De nieuwe EU-regelgeving inzake lasrook is nog niet definitief. Maar het is een duidelijk signaal.

Lasrook zal in Europa regelgevend zichtbaarder worden, wetenschappelijk duidelijker worden ingedeeld en praktisch moeilijker te negeren zijn. Voor werkgevers betekent dit: nu controleren, nu beoordelen, nu technisch bijwerken. Voor werknemers betekent dit: meer bescherming tegen een risico dat in het dagelijkse werk te lang is onderschat.

En voor de afzuigtechniek betekent dit: deze wordt nog duidelijker wat ze vandaag de dag al zou moeten zijn. Geen accessoire. Maar een centraal onderdeel van effectieve arbeidsveiligheid.

Bronnen: Europese Commissie, 18-07-2025, Raad van de EU, 01-12-2025, Europees Parlement, 15-04-2026, EUR-Lex, COM(2025)418, HSE: Gezondheidsrisico’s van lassen, HSE: Lasrook – bescherm uw werknemers, OSHA: Lasrook, OEIL-samenvatting van de procedure, OSHA Fact Sheet, EUR-Lex – 52025SC0192 – EN – EUR-Lex